Vier kilometer langs de aardmantel op de Tablelands Trail

Vier kilometer langs de aardmantel op de Tablelands Trail

De gemarkeerde Tablelands Trail volgt een oude weg langs een roestoranje bergvoet in Gros Morne National Park. Hier ligt gesteente aan de oppervlakte dat normaal diep onder de aardkorst ligt.

Langs de voet van de Tablelands

De gemarkeerde oude weg volgt roestoranje Tablelands-gesteente boven Bonne Bay.De gemarkeerde oude weg volgt roestoranje Tablelands-gesteente boven Bonne Bay.

De Tablelands Trail begint aan Route 431, vier kilometer ten westen van het Discovery Centre bij Woody Point. De gemarkeerde route klimt niet naar een top, maar volgt de bergvoet naar Winter House Brook Canyon. Heen en terug is het vier kilometer; het pad ligt op ongeveer 160 tot 235 meter hoogte.

Het eerste stuk loopt over een oude weg. De ondergrond is aangestampt maar ongelijk, met gebroken steen en enkele houten vlonders. Aan de ene kant ligt de brede, roestoranje helling met losse stenen en opvallend weinig begroeiing. Aan de andere kant liggen groene heuvels rond het zoute water van Bonne Bay.

Het pad buigt mee met die kale flank. Verderop wordt het uitzicht over de baai wijder, maar de oranje massa blijft vlak naast de route liggen. Het scherpe kleurverschil heeft een geologische oorzaak. De Tablelands bestaan uit gesteente uit een laag die normaal ver onder het aardoppervlak zit.

Een stuk oude oceaanbodem op het continent

De Tablelands bestaan grotendeels uit peridotiet, gesteente uit de bovenmantel. Het pakket vormt een ofioliet: een plak oude oceaanbodem met mantelgesteente, gabbro, gangen en basalt die op een continent terechtkwam.

Ongeveer 500 miljoen jaar geleden begon de Iapetusoceaan zich te sluiten. Een oceaanplaat dook onder een andere plaat en mantelmagma vormde nieuwe oceaankorst. Toen de oceaan circa 475 miljoen jaar geleden verder dichtging en de voorlopers van de Appalachen ontstonden, schoof een nog hete plak van die oceaanbodem over de rand van het Noord-Amerikaanse continent. Het pakket verdween dus niet met de plaat de diepte in.

Erosie sleet in de eeuwen daarna de bovenliggende rotslagen weg. Gletsjers schuurden het terrein later verder uit. Zo kwam het peridotiet bloot te liggen. De Tablelands zijn geen resten van een recente vulkaan. De oranje hellingen laten mantelmateriaal en diepe oceaankorst zien.

In Gros Morne ligt ook een deel van de overgang tussen oceaankorst en mantel aan het oppervlak. Geologen noemen die grens de Moho; op de meeste plaatsen ligt die vijf tot zeventig kilometer diep. Dicht bij elkaar liggen hier continentale gesteenten, afzettingen, diepe oceaankorst en mantelgesteente. UNESCO plaatste Gros Morne daarom op de Werelderfgoedlijst als een uitzonderlijk helder voorbeeld van continentendrift en plaattektoniek.

Langs het pad wordt dat grote verhaal zichtbaar in losse stenen. IJzer in peridotiet oxideert aan het oppervlak en geeft de rots een roestige, amberkleurige huid. Vers gebroken peridotiet kan donkergroen zijn. Water verandert olivijnrijk gesteente plaatselijk in groene serpentijnmineralen, soms met witte aders.

Planten tussen grind en rotsspleten

Dezelfde mineralen die de hellingen kleuren, begrenzen de plantengroei. Verwering levert gruis en kleine bodemzakjes op, maar de bodem bevat weinig stikstof, fosfor, kalium en calcium. Magnesium en ijzer zijn er juist ruim aanwezig, net als relatief hoge concentraties nikkel, chroom en kobalt. Veel planten kunnen op die grond niet groeien.

Los materiaal waait of spoelt gemakkelijk weg waar weinig wortels het vasthouden. Tussen de stenen blijven open plekken met grind, bloot gesteente en dunne bodem over. Deze natuurlijke, schaars begroeide hellingen heten serpentine barrens. Mensen hebben ze niet kaalgekapt; de chemische samenstelling van het gesteente en de bodem houdt de begroeiing open.

Toch staan er planten. Langs de route groeien ze afzonderlijk tussen stenen, in spleten en op vochtige laagten. Serpentijn-zandkruid is zo’n specialist. Het lage, groenblijvende plantje heeft naaldachtig blad en kleine witte bloemen in juni en juli.

Op natte plekken kunnen paarse bekerplanten tussen het grind groeien. Water van de veenachtige bovenzijde van de Tablelands zakt plaatselijk vlak onder de steenlaag door en houdt die plekken vochtig. De buisvormige bladeren van de bekerplant vangen insecten. Daarmee haalt de plant voedingsstoffen binnen die de bodem nauwelijks levert. Zonnedauw en vetblad gebruiken dezelfde uitweg.

Op drogere grond blijven jeneverbes en andere struiken vaak laag en compact. Langs Winter House Brook zijn onder meer jeneverbes, klokjesbloem, mossteenbreek, kleine els, lariks en serpentijn-zandkruid vastgesteld. Sommige zeldzame plantjes staan in de dunne bodem vlak naast het gemarkeerde pad.

Praktisch op Route 431

De aangewezen parkeerplaats ligt aan Route 431, tussen Woody Point en Trout River. Reken voor de eenvoudige heen-en-terugwandeling op één tot twee uur. Voor deze route staat geen aparte reservering of wandelvergunning vermeld, maar voor Gros Morne is wel een dagpas, jaarpas of Discovery Pass nodig; bezoekers tot en met zeventien jaar hebben gratis toegang.

Juli en augustus zijn gemiddeld warmer en droger, met dagtemperaturen van 16 tot 25 graden. Ook dan valt er gemiddeld om de twee dagen neerslag. De lente komt laat; vanaf eind september kan op hoger terrein sneeuw vallen. Vochtige wind vanaf de Golf van Saint Lawrence kan het weer snel doen omslaan. Na langdurige regen kunnen kleine stroompjes het grindpad kruisen. Wie vertrekt, controleert de actuele padcondities en neemt een wind- en regendichte laag mee. Wandelaars blijven op de gemarkeerde route en laten stenen en planten liggen. Een voetstap in de dunne bodem kan lage planten kneuzen; het meenemen van natuurlijke vondsten is in het nationale park verboden.

Winter House Brook Canyon

Een houten vlonder bereikt het uitzichtpunt boven Winter House Brook in de Tablelands-kloof.Een houten vlonder bereikt het uitzichtpunt boven Winter House Brook in de Tablelands-kloof.

Verder westwaarts volgt de route nog steeds de bergvoet. De lage traversé eindigt bij Winter House Brook Canyon, een beekdal dat gletsjers hebben uitgesleten. Het brede uitzicht maakt daar plaats voor een smaller dal met rotswanden en stromend water.

Een houten vlonder loopt naar het gemarkeerde eindpunt boven de beek. Achter het water staan de verweerde hellingen: roestoranje aan de buitenkant, donkergroen waar de rots vers breekt, met hier en daar een lage plant tussen het grind.