Bij El Calafate breken stukken blauw ijs af van de Perito Morenogletsjer en ploffen in Lago Argentino. Meer dan drieduizend kilometer noordelijk staan cactussen tussen de rode rotsen van de Quebrada de Humahuaca. Tussen die twee plekken liggen de wijngaarden van Mendoza, de vlakke pampa en de brede lanen van Buenos Aires. De afstanden zijn groot, en elk gebied heeft zijn eigen eten, weer en dagelijks leven.
In Buenos Aires zitten buurtbewoners aan kleine tafels in cafés, volgen ze hun voetbalclub en schuiven ze laat aan voor het eten. In milonga's dansen stellen tango op live muziek. In parrilla's draaien koks stukken rundvlees boven houtskool. De Italiaanse en Spaanse immigratie zie je terug in gevels, pizza's en pasta, maar buiten de hoofdstad verandert het beeld snel.
Bij Mendoza voeren wijnboeren smeltwater uit de Andes door irrigatiekanalen naar de druivenranken. Rond Salta staan koloniale pleinen naast markten met maïs, aardappelen en geweven stoffen. In dorpen in de Quebrada de Humahuaca bouwen bewoners huizen van leem. Verder zuidwaarts grazen schapen op de open steppe van Patagonië. Wandelaars lopen daar langs granietpieken en heldere gletsjermeren. Op Península Valdés verschijnen in vaste seizoenen walvissen en zeeolifanten langs de kust. Stap tussen de bekende plekken ook eens een wijkcafé, markt of kleine wijnmakerij binnen. Daar proef je Argentinië aan tafel en hoor je het op straat.
