Van marktrook naar zilverhamer in Kotagede
Onder het ijzeren dak van Pasar Legi liggen groente, rijst en bananenblad dicht bij elkaar. Honderd meter verder sluiten rode bakstenen muren het marktgeluid buiten. Daarna volgen smalle woonpaden, oude poorten en het droge tikken van hamer op zilver.
Rook onder het marktdak
De ochtend begint op Pasar Legi, aan Jalan Mentaok Raya. Onder het ijzeren dak liggen groenten en fruit op kleden. Verkopers wegen rijst en eieren af; manden en bezems leunen tegen banken en palen. Kleine vuren verwarmen potten en karren. Slagers hakken vlees, kokosnoten gaan open en motoren passeren langs de rand van de markt.
De drukte zit dicht op elkaar. Klanten lopen langs uitgestalde waar, banken en kookpannen. Tussen gesprekken, messen en verkeer hangt rook onder het dak. Droge gudeg brengt de geur van lang gekookte jonge jackfruit en kruiden mee. Zoetigheden liggen in bananenblad. Kipo bestaat uit kleefrijst, geraspte kokos en palmsuiker; het blad houdt het kleine, plakkerige hapje bijeen.
Pasar Legi ligt vlak bij de Grote Moskee en het oude paleisgebied omdat Kotagede aan het eind van de zestiende eeuw de eerste hoofdstad van het islamitische Mataram was. Kraton, alun-alun, markt en moskee lagen hier dicht bij elkaar. Handel, gebed en bestuur kregen ieder hun eigen plek, op loopafstand van elkaar.
Neem de straat aan de westkant van de markt richting Jalan Watu Gilang. Na ongeveer honderd meter begint het complex van Masjid Gedhe Mataram en de koninklijke graven. Het geroep van de markt verdwijnt snel achter de rug. Hoge muren nemen het straatbeeld over.
Baksteen, hout en een watergoot
Bij de moskee verdelen muren, poorten en schermwanden het terrein in afzonderlijke erven. Een paduraksa-poort geeft toegang tot de voorhof. Daarna volgen meer muren en poorten richting het grafcomplex. De route loopt dus niet rechtstreeks van straat naar graf, maar door een reeks besloten ruimten.
De ongepleisterde bakstenen muren staan zonder mortel op elkaar. Hun roodbruine oppervlak krijgt in de vochtige ochtendlucht donkere randen, vooral laag bij de grond en in de voegen. Een smal houten bruggetje steekt een betegelde watergoot over. Die gracht liep langs drie kanten van de voorhal en diende voor de reiniging vóór het binnengaan.
Onder de kap staan oude houten kolommen naast latere ijzeren exemplaren. Na een brand verving een herstelbeurt een deel van de houten draagconstructie door ijzer. Dat verschil blijft zichtbaar: donker hout naast dunne metalen palen, zwaar metselwerk naast open doorgangen.
Vier houten saka guru dragen het hoofdgebouw onder een dubbellaags tajug-dak. Binnen meten de gepleisterde muren zeventig centimeter. Teakhouten planken sluiten het plafond af. Over de oudere vloer van witte steen ligt nu melk-wit marmer; de oude vloer bleef bij het herstel bewaard. Houten ramen met tralies breken het daglicht in smalle stroken.
De dakvorm volgt Javaanse bouwtradities. De bakstenen ommuring en de paduraksa-poorten herinneren aan hindoe-boeddhistische tempelbouw, vormen die bouwers in deze streek al kenden. Naast de moskee liggen de graven van de vroege Mataram-dynastie. De bedug, de grote trom van het gebed, klinkt hier laag en rond. Buiten de muren blijven de scherpe marktgeluiden achter.
Tussen twee poorten
Loop terug naar de woonstraten rond het voormalige alun-alun en kies Gang Rukunan, ook bekend als Between Two Gates of Lawang Pethuk. De brede straat maakt plaats voor een smalle doorgang tussen gevels en erfmuren. Aan beide uiteinden staat een poort. Daartussen staan de huizen in een oost-westrij.
Bewoners stelden hier delen van hun eigen grond beschikbaar voor een gedeelde weg. Daardoor loopt het pad niet langs voortuinen en losse kavels, maar vlak langs deuren, muren en open voorruimten. Betonnen trapbankjes staan bij enkele huizen. Een fiets past door de gang, al vraagt de nauwe ruimte om rustig sturen en ruimte geven. In Purbayan horen ochtendlijke fietstochten bij het straatbeeld; het rollen van banden blijft hier zachter dan de motoren bij de markt.
De oude erven laten zich eerst als muur lezen. Een hoge gemetselde afscheiding heeft vaak één hoofdpoort, de regol. Daarachter volgt een voorruimte, vervolgens een open pendhapa en verder naar achteren de besloten woonvertrekken. Soms ligt een longkangan, een tuinachtige strook, tussen de bouwdelen.
Onder de hoge lijn van een joglodak zit een gesneden houten bahu dhanyang, een console die de dakconstructie draagt. Hout, steen en beton dragen sporen van dagelijks gebruik: doffe treden, donkere onderranden van muren, een handgreep die lichter is geworden dan het paneel eromheen. De steeg blijft een woonpad, met poorten die open en dicht gaan en stemmen die kort door een erf waaien.
Gekleurd glas aan Jalan Mondorakan
Aan het einde van Gang Rukunan krijgen de straten weer meer breedte. Rond Jalan Mondorakan staan Kalang-huizen, waar een Javaanse plattegrond samengaat met Indische bouwdetails. Grote ramen en deuren, motieftegels, sierlijk ijzerwerk en gestileerde bloemen doorbreken de gesloten straatwand. Brede overstekken houden regen en zon van de gevel.
Ndalem Natan draagt een limasandak-dak met terracottapannen en zinken afdaken. Houten sierlijsten en ventilatieroosters zitten hoog onder de kap. Glas-in-lood in ijzeren kozijnen filtert het licht via kleine ruiten en openingen onder de dakrand. Dubbele houten deuren, gebogen ijzeren diefijzers en geometrische vloertegels leggen hout, metaal en steen naast elkaar.
De gebouwen worden nog steeds gebruikt. Zijvleugels van Ndalem Natan dienen als gastenverblijf. In gangen staan meubels, batik, accessoires en handwerk. De oude opbouw blijft leesbaar: open voorruimte, kamers, zijvleugels en een erf achter de poort.
Vanaf Mondorakan gaat de wandeling verder naar Jalan Kemasan. De woongevels maken daar plaats voor aaneengeschakelde zilverwinkels en werkplaatsen. Zilversmeden werkten al in Kotagede toen hier het hof van Mataram zetelde. Toen het hof verhuisde, bleven de ambachtslieden in de wijk werken.
Zilver op staal
Een vitrine laat het afgewerkte werk zien. Een werkbank toont het materiaal ervoor. Fijne zilverdraad ligt naast dikkere draad en kleine platen. Veel werk gebruikt 925-zilver. Donker geoxideerde delen kunnen naast helder gepolijst zilver liggen.
Bij filigraan pakt een zilversmid fijne draad met een pincet of klein tangetje. De draad draait tot krullen en komt daarna in een raamwerk te liggen. Zo groeit een open patroon van dun metaal. Op de bank liggen een kleine hamer, een vijl, een stalen blok en een brander.
Een kleine vlam verhit draad en plaat op de plekken waar soldeer de delen samenvoegt. Een hamer slaat vanaf de achterzijde tegen een zilveren plaat en drukt reliëf omhoog. De vijl haalt een ruwe rand weg. Het schrapen duurt even, stopt, en begint opnieuw wanneer het stuk metaal wordt gedraaid.
Praktisch
De wandeling van Pasar Legi via Masjid Gedhe Mataram en Gang Rukunan naar de werkplaatsen rond Jalan Mondorakan en Jalan Kemasan is goed te voet af te leggen. Alleen het stuk tussen markt en moskeecomplex meet al ongeveer honderd meter. In de woonsteegjes past lopen beter dan snel verkeer.
Op het stalen blok rust een dunne zilveren plaat. De kleine hamer raakt het metaal: ting, ting, ting.
