Voor de zuilengangen van het Sint-Pietersplein sta je nog in Rome; een paar stappen verder kijk je naar de koepel van Michelangelo, de pauselijke paleizen en de witte uniformen van de Zwitserse Garde. Vaticaanstad is klein, maar de basiliek en musea bewaren werk waarvoor pausen eeuwenlang beeldhouwers, schilders en architecten naar Rome haalden. Tussen de bezoekers werken geestelijken, restauratoren en museumbeheerders in de onafhankelijke staat waar de Heilige Stoel zetelt.
Bernini tekende de gebogen zuilengangen rond het Sint-Pietersplein. Boven het plein rijst Michelangelo’s koepel op. In de basiliek staat zijn Pietà achter glas, terwijl Bernini’s bronzen baldakijn boven het pauselijk altaar hangt. Onder de vloer liggen graven van pausen en resten van oudere kerken. Hier tonen marmer, goud en mozaïek hoeveel gewicht de kerk aan deze plek gaf.
De Vaticaanse Musea beginnen met binnenplaatsen, Romeinse beelden en lange zalen vol kaarten en wandtapijten. Daarna volgt de Sixtijnse Kapel, met Michelangelo’s plafond en Het Laatste Oordeel. In de Stanze di Raffaello schilderden Rafaël en zijn medewerkers taferelen voor de pauselijke vertrekken. Kijk ook naar de kleinere stukken: een Latijnse tekst in steen, een hersteld fresco of een grafmonument langs een gang.
Buiten de muren liggen de smalle straten van Borgo, met cafés, pelgrimswinkels en zicht op de Engelenburcht. Die gewone Romeinse drukte maakt het verschil met de pleinen en zalen achter de grens des te scherper. Neem de tijd voor een tweede blik en laat Vaticaanstad daarna nog even doorwerken tijdens een wandeling door Borgo.
