Minsk trekt de blik meteen naar zijn brede lanen, strakke woonblokken en grote overheidsgebouwen. Na de verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog bouwden arbeiders een groot deel van de stad opnieuw op. In de Bovenstad staan lagere historische huizen en de orthodoxe Heilige-Geestkathedraal. Langs de Svislotsj lopen parken tussen het verkeer en de stenen gevels. Die afwisseling maakt Minsk meer dan een stad van monumentale pleinen: tussen de flats, bruggen en regeringsgebouwen liggen wandelpaden, terrassen en oude kerken.
Bij Mir staan rode bakstenen torens van het kasteel aan een vijver. In het nabijgelegen Njasvizj liggen het paleis en het park van de familie Radziwiłł, die hier eeuwenlang veel grond bezat. Brest draagt een ander soort geschiedenis. In het fort vochten Sovjetsoldaten in juni 1941 tegen het Duitse leger. De poorten, kazernes en gedenktekens staan er nog steeds.
Buiten de steden ligt veel open land. In het Woud van Białowieża lopen wisenten tussen oude eiken en sparren. Polesië in het zuiden heeft trage rivieren, rietvelden en dorpen op hogere grond. Op tafel verschijnen draniki, krokant gebakken aardappelpannenkoekjes, donker roggebrood en paddenstoelen. Belarus laat zich rustig bekijken: eerst langs de gevels van Minsk, daarna bij een kasteelvijver of een bosrand. Kom er kijken en neem de tijd voor beide.
