Kazachstan laat zich niet in één beeld vangen. In Almaty kijk je vanaf brede lanen naar besneeuwde bergtoppen, terwijl verkopers in de Groene Bazaar gedroogd fruit, noten en kruiden uitstallen. Buiten de stad beginnen de hellingen van het Ile-Alatau-gebergte. Verder noordwaarts verdwijnen de bergen achter een vlakke steppe, met spoorlijnen, kleine plaatsen en lange rechte wegen. De afstanden zijn groot, maar de verschillen tussen stad, berg en steppe zijn nog groter.
Ten oosten van Almaty sneed de rivier de Charyn een diepe kloof uit in de droge grond. In de Vallei van de Kastelen staan rode rotswanden, torens en richels boven de rivier. Bij de Kolsai-meren liggen donkere sparrenbossen langs helder bergwater. Almaty zelf toont weer een ander gezicht: houten huizen staan er naast Sovjetflats, nieuwe cafés en brede straten.
Astana ligt midden in de noordelijke steppe. Glazen torens, brede boulevards en grote overheidsgebouwen tekenen er de horizon. Buiten de steden staan mausolea en rotstekeningen, sporen van Turkse rijken en handelskaravanen. Aan tafel proef je die verschillende invloeden terug. Beshbarmak met vlees en deeg staat naast gerechten uit de Russische, Oeigoerse en Oezbeekse keuken. Wie tijd neemt voor een markt, een treinrit of een wandeling in de bergen, ziet Kazachstan op zijn best.
