Bij zonsopgang kleuren de zandstenen torens van Angkor Wat goud boven de lotusvijver. Even verderop verkopen verkopers ontbijt aan de rand van Siem Reap en rijden motoren langs rijstvelden. Het oude Khmerrijk is overal zichtbaar, maar Cambodja speelt zich net zo goed af in vissersdorpen, werkplaatsen en drukke straten. In Phnom Penh staan vergulde pagodes naast gebouwen die de terreur van de Rode Khmer documenteren.
De reliëfs van Angkor tonen veldslagen, goden, markten en processies. Tussen de grote tempelcomplexen liggen kleinere heiligdommen, palmbomen en dorpen. Dansers oefenen de precieze handgebaren van de klassieke apsaradans. In ateliers werken ambachtslieden met zijde, zilver en hout.
De Mekong en de Tonlé Sap bepalen het werk van veel gezinnen. Tijdens de moesson stijgt het water van de Tonlé Sap sterk. Huizen in sommige dorpen staan op hoge palen, terwijl boten langs drijvende huizen varen. Rond Kampot drogen boeren peperkorrels in de zon. In Kep koken verkopers krab met groene peper op kleine stalletjes aan zee.
Phnom Penh toont een andere kant van het land. Het Tuol Sleng Genocide Museum en Choeung Ek leggen vast hoe de Rode Khmer families en gemeenschappen verwoestte. Op straat vullen markten, eethuizen en ateliers de dag met handel en werk. Neem naast Angkor ook tijd voor een maaltijd in Kep, een boot op de Tonlé Sap of een middag in Phnom Penh; daar krijgt Cambodja zijn menselijke maat.
