Taktsang hangt hoog boven de Paro-vallei tegen een rotswand. Een steil pad loopt er door dennenbos naartoe. Het klooster vormt een treffend begin voor Bhutan, waar dorpen, akkers en kloosters tussen diepe rivierdalen en bergpassen liggen. Gebedsvlaggen hangen langs wegen en witte chortens staan bij kruisingen. In Thimphu rijden taxi’s langs cafés, winkels en ministeries. Verkeersagenten regelen er het verkeer; verkeerslichten staan er niet.
In Punakha staan witgekalkte muren en roodbruine daken van de dzong tussen twee rivieren. Monniken en ambtenaren gebruiken het gebouw nog steeds. Buiten de stad liggen rijstterrassen naast boerderijen. In veel keukens staat rode rijst op tafel, met groenten en ema datshi: chilipepers in kaas.
Verder oostwaarts volgen wegen de berghellingen en liggen dorpen verder van elkaar. In Bumthang staan oude tempels tussen akkers en naaldbos. Op de binnenplaatsen van dzongs en kloosters voeren gemaskerde dansers tijdens religieuze festivals vaste dansen uit. Families, monniken en handelaren vullen dezelfde binnenplaats. Wie langer blijft kijken, ziet een vesting aan de rivier, een tempel boven een dorp en een hoofdstad met traditionele gevels. Trek gerust verder dan het uitzicht bij Taktsang en neem plaats in een vallei waar het gewone leven doorgaat.
