Bij Livingstone valt de Zambezi over een brede rotsrand de kloof in. Langs de Victoriawatervallen houdt het regenwoud het opspattende water vast. Stroomopwaarts liggen nijlpaarden in rustige bochten van de rivier. Verder noordelijk verdwijnen de basaltrotsen achter open savanne, lagunes en miombobossen. In veel parken staan minder safarivoertuigen dan in de bekendste reservaten van Oost- en Zuidelijk Afrika.
In South Luangwa lopen olifanten over vaste paden naar de rivier. Luipaarden liggen overdag tussen de ebbenbomen. Gidsen gaan hier ook te voet de bush in; wandelsafari's horen al lang bij het park. Kafue National Park beslaat een groot gebied met grasvlakten, moerassen en miombobossen. Op de Busanga Plains grazen antilopen op vlaktes die in een deel van het jaar onder water lopen. Roofdieren volgen hen daarheen.
Water stuurt ook het dagelijks leven buiten de parken. Vissers werken langs de Zambezi. Op markten liggen gedroogde kapenta, groenten en zakken maïsmeel. Koks maken van dat meel nshima, een stevig basisgerecht met bonen, vis, vlees of bladgroenten. In Lusaka staan winkelcentra naast drukke markten en minibusstations. In Livingstone staan koloniale gebouwen en spoorlijnen uit de tijd dat de stad een belangrijk bestuurscentrum was. Blijf niet alleen bij de watervallen: langs de rivier, op de markt en in de parken laat Zambia zich goed bekijken.
