Op Fogo zie je Pico do Fogo al van ver boven de donkere lavavelden staan. Boeren verbouwen druiven en koffie in de brede krater, op grond van oude as. Op Santo Antão lopen akkers in smalle terrassen langs steile berghellingen. Sal is veel vlakker: daar waaien zand en stof over een droog eiland met lange stranden.
Ook de steden tonen verschillende kanten van Kaapverdië. In Cidade Velha op Santiago staan een oude kerk, een fort en huizen langs straten uit de Portugese koloniale tijd. De plek draagt ook de geschiedenis van de trans-Atlantische slavenhandel. In Praia rijden aluguers door de straten en verkopen handelaren groente, vis en kleding op de markt. Morna en funaná klinken in cafés en op feesten. Die muziek ontstond uit contacten tussen West-Afrika, Europa en Amerika, maar ook uit vertrek en terugkeer van Kaapverdianen.
In Mindelo op São Vicente staan beschilderde gevels rond de haven. Muziekcafés vullen er de avond met liveoptredens. Op tafel komen gerechten die passen bij de eilanden: cachupa met maïs, bonen en groenten, soms met vis of vlees, en gegrilde tonijn of makreel. Neem plaats in een bergdorp, luister naar muziek in Mindelo en eet mee aan een eenvoudige tafel. Dan laat Kaapverdië zich het best zien.
