In Lalibela hakten bouwers in de middeleeuwen complete kerken uit rood vulkanisch gesteente. Via smalle sleuven daal je af naar deuren, gangen en binnenplaatsen onder het maaiveld. In Gondar staan de kastelen van Ethiopische keizers achter hoge muren. In de Simienbergen grazen gelada's langs steile rotswanden. Deze plekken horen niet alleen bij het verleden. Gelovigen vieren feestdagen in de kerken, boeren bewerken de hoogvlakten en herders trekken met hun dieren door de bergen.
Addis Abeba laat weer een andere kant van het land zien. Het Nationaal Museum bewaart onder meer de fossiele resten van Lucy. In restaurants ligt injera op tafel, met kruidige stoofgerechten en groenten. Op orthodoxe vastendagen koken veel keukens zonder dierlijke producten. Dan eet je bijvoorbeeld shiro van kikkererwten of misir wat van rode linzen. Voor koffie roosteren, malen en schenken mensen de bonen ter plekke, vaak in meerdere rondes.
In Harar lopen smalle straten langs oude huizen, markten en moskeeën binnen de stadsmuren. Handelaren verbonden deze stad eeuwenlang met het Ethiopische binnenland, de Hoorn van Afrika en de Rode Zee. In het hoogland klinken andere talen dan in de hoofdstad en in het oosten. Kerken, moskeeën, markten en eettafels laten dat verschil elke dag zien. Blijf gerust wat langer en kijk ook buiten Addis Abeba: Ethiopië laat zich het best kennen in zijn steden, dorpen en berggebieden.
