Asmara ligt ruim 2.300 meter boven zee en bewaart een opvallend hoofdstuk uit de architectuur van de twintigste eeuw. Langs Harnet Avenue staan palmen, cafés en bioscopen uit de Italiaanse koloniale periode. Het Fiat Tagliero-tankstation staat er met brede betonnen vleugels die op een vliegtuig lijken. Veel gebouwen uit de jaren dertig zijn behouden gebleven. Daardoor zie je in hele straten hoe architecten met beton, glas en strakke lijnen werkten. Tussen de modernistische gevels staan orthodoxe kerken, een moskee en huizen met binnenplaatsen.
Ten oosten van Asmara zakt de weg langs een steile bergwand naar de Rode Zee. Massawa aan de warme kust heeft een heel ander straatbeeld. Koraalstenen muren, houten balkons en Ottomaanse gevels staan er naast beschadigde panden uit de onafhankelijkheidsoorlog. De lage eilanden en riffen van de Dahlak-archipel liggen voor de kust. In vissersdorpen bepalen droge grond, boten en helder water het dagelijks beeld.
Ten noordwesten van Asmara ligt Keren tussen granieten heuvels. Op de markt liggen graan, specerijen, huishoudelijke spullen en vee naast elkaar. Rondom de stad liggen akkers, cactusheggen en dorpen met stenen huizen. Aan tafel verschijnen injera, pittige zigni en shiro, maar ook pasta en espresso. Die gerechten passen bij een land waar lokale keukens en de Italiaanse periode naast elkaar zijn blijven bestaan. Wandel door Asmara, kijk naar de oude huizen in Massawa en blijf even hangen op de markt in Keren. Eritrea laat zich het best zien in zulke gewone plekken.
